Een veilige afstand houden is simpel:
kies een vast punt langs de weg, zoals een lantaarnpaal of verkeersbord.
Passeert de auto voor je dat punt? Tel dan rustig:
“éénentwintig, tweeëntwintig”
Passeer jij het punt vóór je klaar bent met tellen?
Dan rij je te dicht op je voorligger.
Minimaal 2 seconden afstand houden.
Bij regen, mist of gladheid: nog meer afstand nemen.